Kennisbank

Wat is de wettelijke verdeling en heb ik bij wettelijke verdeling een verklaring van erfrecht nodig?

Wat is de wettelijke verdeling?

Wanneer er geen testament gemaakt is door de overledene terwijl hij of zij gehuwd of geregistreerd partner was en kinderen achterlaat, geldt de wettelijke verdeling. De wettelijke verdeling is geregeld in de wet en wel in artikel 13 van boek 4 van het Burgerlijk Wetboek. Dit houdt in dat alle bezittingen en eventuele schulden van de nalatenschap automatisch naar de langstlevende overgaan. De langstlevende heeft tot drie maanden na het overlijden de tijd om te verklaren dat hij of zij een andere verdeling van de nalatenschap met de kinderen wil overeenkomen.

De kinderen hebben recht op een vordering ter grootte van hun erfdeel, maar ontvangen deze nog niet. Deze vordering is pas opeisbaar bij het overlijden van de langstlevende echtgenoot, bij faillissement of schuldsanering. Het maakt hierbij niet uit of het om een ouder of stiefouder gaat.

Voorbeeld: een echtpaar is in gemeenschap van goederen gehuwd en hebben samen een vermogen van € 300.000,-. Het echtpaar heeft twee kinderen en geen testament gemaakt. Indien een van hen overlijdt is de wettelijke verdeling van toepassing. De erfenis bestaat vanwege de gemeenschap van goederen uit de helft van het totale vermogen, dus € 150.000,-. De andere € 150.000,- is al van de langstlevende echtgenoot. In de erfenis delen de langstlevende en de kinderen ieder voor 1/3 gedeelte, dus € 50.000,- per persoon. De kinderen krijgen dit erfdeel echter nog niet. Dit gebeurt pas na overlijden van de langstlevende echtgenoot, bij faillissement of schuldsanering. De kinderen hebben dus een vordering op de langstlevende welke in principe renteloos is tenzij ze samen een rente vaststellen. Deze rente moet binnen acht maanden na overlijden worden vastgesteld. De kinderen moeten wél al erfbelasting betalen over hun erfdeel. In de meeste gevallen wordt dit voorgeschoten door de langstlevende. Als de langstlevende overlijdt krijgen de kinderen eerst € 50.000,- per persoon (die al van hen was). Over dat bedrag is al erfbelasting betaald bij het overlijden van de eerste ouder. Over het restant wordt opnieuw erfbelasting berekend indien zij boven de (erfbelasting)vrijstelling komen. Indien u meer informatie wilt over aangifte erfbelasting klik hier.

Aansprakelijkheid voor schulden bij de wettelijke verdeling

Als de langstlevende echtgenoot zuiver heeft aanvaard dan is hij of zij tegenover de schuldeisers en tegenover de kinderen verplicht om de schulden van de nalatenschap te betalen. Dit is ook logisch omdat de kinderen een niet-opeisbare geldvordering op de langstlevende hebben gekregen en betaling van schulden van de nalatenschap zou daardoor onredelijk zijn.

Mag de langstlevende het erfdeel van de kinderen opmaken?
De langstlevende is vanaf het moment van het overlijden van de ander eigenaar van het vermogen en hij of zij kan dit vermogen ook helemaal opmaken (inclusief de erfdelen van de kinderen). Voor de kinderen blijft het dus afwachten wat er na overlijden van de langstlevende nog voor hen over blijft.

De langstlevende gaat hertrouwen, wat nu?
Ook dan gelden de regels van de wettelijke verdeling. Er is een nieuwe echtgenoot en er zijn kinderen, dus bij overlijden van de langstlevende gaat het vermogen naar de nieuwe echtgenoot en niet meteen naar de kinderen. De kinderen moeten wachten op hun erfdeel tot het overlijden van hun (stief)ouder.
Overigens er is vrijwel altijd een persoonlijk advies nodig in het geval van hertrouwen. Als één van de partners in een voorgaand huwelijk of geregistreerd partnerschap krachtens de wettelijke verdeling (of op grond van een oud langstlevende testament) een schuld heeft aan de kinderen, wordt deze schuld ook meegenomen in een nieuwe relatie. Dit kan grote gevolgen hebben.
Bij overlijden kan dat betekenen dat de overblijvende partner in de nieuwe relatie met een enorme schuld geconfronteerd kan worden waardoor diens erfgenamen mogelijk weinig of wellicht helemaal niets meer te erven hebben. Ook als in een testament is bepaald dat erfdelen opeisbaar worden in geval van opname in een zorginstelling kan dat grote gevolgen hebben voor de partner in de nieuwe relatie.

Als er geen testament is hebben kinderen, zoals in de wet is bepaald, na het overlijden van de eerste van de ouders zogenaamde wilsrechten gekregen. Deze wilsrechten kunnen zij op bepaalde momenten uitoefenen, zoals ook bij het hertrouwen van de langstlevende ouder. De informatie hierover vindt u hierna onder het kopje ‘wilsrechten.

Afwijken van de wettelijke verdeling

Binnen drie maanden na overlijden kan de langstlevende aangeven of dat hij of zij wil afwijken van de wettelijke verdeling. Dit moet door middel van een verklaring gebeuren welke bij het boedelregister van de rechtbank wordt ingeschreven. Onze erfrechtspecialisten kunnen u hier volledig in adviseren en bij assisteren. De langstlevende kan daarna samen met de kinderen een andere verdeling van de nalatenschap overeenkomen en bijvoorbeeld alvast goederen op naam van de kinderen zetten. Afwijken van de wettelijke verdeling kan ook bij testament. De wettelijke verdeling kan bijvoorbeeld buiten toepassing worden verklaard, de hoogte van de rente kan worden bepaald en de gronden voor opeisbaarheid van de erfdelen van de kinderen kunnen worden uitgebreid.

Wettelijke verdeling zonder of met testament

De wettelijke verdeling is in de wet geregeld vanaf 1 januari 2003. Dit betekent dat als er geen testament is gemaakt de tekst van de wet van toepassing is. In veel gevallen is het voldoende om uit te gaan van regels van de wettelijke verdeling zoals deze in de wet zijn opgenomen.

Als er vermogen is bijvoorbeeld een woning, spaargeld enzovoorts, is het vaak beter een testament te maken waarin de in de wet opgenomen wettelijke verdeling wordt uitgebreid met regelingen welke voor de langstlevende, kinderen of kleinkinderen beter passen op het moment van het overlijden van de eerste van de partners. Op die manier is onder meer besparing van erfbelasting mogelijk.

Wilsrechten

In de wet zijn aan kinderen of kleinkinderen wilsrechten toegekend. Deze staan vermeld in artikel 19 van boek 4 van het Burgerlijk Wetboek. Als een kind op basis van de wettelijke verdeling een geldvordering heeft verkregen op de langstlevende ouder ter zake van de nalatenschap van zijn eerst overleden ouder, en die ouder heeft aangifte gedaan van zijn voornemen een huwelijk of geregistreerd partnerschap aan te gaan, is die langstlevende ouder verplicht aan het kind op diens verzoek goederen over te dragen met een waarde van ten hoogste die geldvordering, vermeerderd met de eventueel over die geldvordering verschuldigde rente. In de praktijk kunnen deze wilsrechten dus voor problemen zorgen bij de langstlevende van de ouders. In een testament kunnen ouders wilsrechten voor kinderen uitsluiten.

Uitbetalen erfdelen aan de kinderen

De langstlevende kan op elk moment besluiten om de erfdelen van de kinderen eerder uit te keren aan een van hen of aan allemaal. Als de langstlevende ervoor kiest om eerder uit te betalen, dan kan het echter wel zo zijn dat de kinderen daarover schenkbelasting moeten betalen. De erfbelasting is immers berekend over een lagere waarde van het erfdeel, omdat de kinderen het geld pas zouden krijgen na het overlijden van de langstlevende. Als de kinderen de erfdelen toch eerder uitbetaald krijgen, dan is het verschil tussen de lagere waarde van het erfdeel en het uitbetaalde bedrag een schenking van de langstlevende aan de kinderen.

Noodzakelijkheid van een verklaring van erfrecht

In meerdere gevallen is het wel degelijk nodig dat er een verklaring van erfrecht wordt opgemaakt, zelfs óók als de wettelijke verdeling van toepassing is.

Voorbeeld noodzakelijkheid verklaring van erfrecht

Één van die gevallen is bijvoorbeeld als de overledene onroerende goederen bezat of een aandeel hierin. Er dient dan een verklaring van erfrecht te worden ingeschreven bij het kadaster om dat onroerend goed, of dat aandeel daarin op naam van de langstlevende partner te zetten.

Niet alleen gaat het dan om het door de overledene en diens partner bewoonde woonhuis, het kan bijvoorbeeld ook gaan om het aandeel dat de overledene had in het huis van diens ouders omdat dat jaren geleden op naam van de gezamenlijke kinderen werd gezet. Dit soort overdrachten zijn in de jaren '70 en '80 vele malen toegepast.

Meer over verklaring van erfrecht

Vrouw vraagt online een verklaring van erfrecht aan